De neus buiten de deur

Rockster John Mayer sloot vorig jaar zijn twitter account, zijn bijna 4 miljoen volgers ontredderd achterlatend. Recentelijk gaf hij als verklaring dat hij zo verstrikt was geraakt in Twitter dat hij zo’n beetje in tweets was begonnen te denken, en dat het zijn creativiteit danig in de weg stond. Hij schreef geen liedjes meer, alleen nog maar tweetjes.

Hoewel ik me er nauwelijks een voorstelling van kan maken hoe het om 4 miljoen mensen achter je broek te hebben die elke beweging die je maakt registreren, kan ik zijn beslissing toch wel begrijpen. De sociale media vragen veel tijd, je kan er behoorlijk de weg in kwijtraken. Alle andere activiteiten moeten opschikken om er ruimte voor te maken. Voor mij geldt dat dubbelop, omdat ik nog zoveel moet leren. Email en een website hebben we allemaal wel, maar er is nog zoveel meer. Ben je net aan facebook gewend, moet je op LinkedIn. Kan je net een beetje behapbare oneliners schrijven voor twitter, vragen ze je voor Google+. Ik moet plaatjes leren bewerken, onderzoeken hoe je stop-motion filmpjes in elkaar moet zetten, leren wat de twitter-etiquette is, en er zal nog wel veel meer volgen. Had ik eerst alleen een website met een zieltogende blog-account, nu komen er bijna dagelijks dingen bij die ik me eigen moet maken, en dat vraagt een investering in tijd die oploopt. Maar het is geen verspilde moeite, al die nieuwe activiteiten zijn voor een nobel doel! Je leest steeds meer wetenschappelijk onderbouwde artikelen over het feit dat de nieuwe media een enorm effectieve manier zijn als gereedschap om je werk te promoten.

Een vriend van mij vroeg me een beetje bezorgd of het me nou erg veel discipline kostte om me over mijn tegenzin heen te zetten, om al die nieuwe dingen te leren en er zo mee bezig te zijn. Ik was eigenlijk heel verbaasd over die vraag, want het voelt helemaal niet als een opoffering. Voor mij zijn de dingen die ik voor VoordeKunstenaar doe en ga doen een direct gevolg van wat ik het allerliefste doe, en dat kleurt alle dingen die ik leer en waar ik me in moet verdiepen. Ik leer een digitale etalage te creeeren voor mijn kunst, ik leer mensen te vinden en hun aandacht te trekken zodat ze naar mijn werk gaan kijken (en dan hopen dat ze het mooi vinden. En willen kopen!) Ik ben een beetje als een trotse moeder wiens kind een schooluitvoering heeft… En ik merk nu al, na een paar weken, verschil. Ik begin tweets te krijgen van wildvreemden die mijn werk mooi vinden. Er hebben zich al een paar donateurs aangemeld via mijn eerste pr-ronde. Kan je nagaan, we zijn alleen nog maar met de voorbereidingen voor VoordeKunstenaar bezig, het eigenlijke traject begint pas in september!

Het is een oud stokpaardje van me dat ik nog altijd graag berijd: als je binnen blijft zitten weet niemand dat je er bent, maar zodra je je neus buiten de deur steekt (je digitale neus in dit geval), krijg je contact en beginnen er dingen te gebeuren. Het is een idee dat ik nooit heb willen loslaten, en dat nu langzamerhand de geloofwaardigheid begint te krijgen van een wetenschappelijke theorie. Straks ligt het keiharde statistische bewijs voor ons, in de vorm van een geslaagd VoordeKunstenaar traject!

No comments yet.

Leave a Reply